Haast om het even wat kan revelatie worden van het mysterie dat het is (en aanleiding zijn voor de poging het uit te drukken in een gedicht of een kunstwerk dat op zijn beurt tot het mysterie toegang geeft of, beter, het zelf aanwezig stelt). De roos die bloeit zonder waarom; een rode kruiwagen in de regen; het kerkje in Little Gidding. Een voorbeeld van Van Deyssel: “Hoe geheimzinnig is, met oopnen van een deur, van d’ene kamer in de andere te komen” (CI).

De wet van ‘de incarnatie van het mysterie’ betekent niet alleen dat het mysterie zich uitdrukt in het concrete – a.h.w. de identiteit is van het oneindige in het eindige, van het transcendente en niet-transcendente; ze betekent ook dat ‘alles’ lijkt af te hangen van een kleinood dat kan verloren gaan: een ring, een beker, een kind, een steen. Het lot van de wereld – de wereld van zin of betekenis, de enige wereld waar het uiteindelijk echt om gaat – is verbonden met de ring van het verbond, de graal, de Messias, de aleph. Of zelfs met een rode kruiwagen, als we de dichter-dokter William Carlos Williams mogen geloven:

so much depends    zo veel hangt
upon    af van

a red wheel    een rode krui
barrow    wagen

glazed with rain    glinsterend van het regen
water    water

beside the white    naast de witte
chickens.    kippen.

Het altijd al geïncarneerde mysterie is dus tegelijk het meest gewone en het meest bijzondere, het meest particuliere en het alles, het meest kwetsbare en het meest belangrijke, een coïncidentia oppositorum. De gedachte dat we het mysterie moeten benaderen in het altijd meer, het altijd algemenere, het nog complexere en ingewikkelde, … is een valstrik. Waar het op aankomt, is te zien wat er altijd al te zien is, hier en nu. Die concentratie op het eenmalige en concrete is paradoxaal genoeg niet incompatibel met de herhaling. Integendeel, de herhaling is wellicht de sleutel tot het eenmalige.

Althans zo denkt een figuur (een soort predikant) in het gedicht Snow van Robert Frost.

Things must expect to come in front of us              
A many times – I don’t say just how many –
That varies with the things – before we see them.
One of the lies would make it out that nothing
Ever presents itself before us twice.
Where would we be at last if that were so?
Our very life depends on everything’s
Recurring till we answer from within.
The thousandth time may prove the charm.

Contact met het mysterie vraagt niet zozeer de stilte of het uitbannen van de gedachten, noch de afwezigheid van elke activiteit, maar de herhaling. De eigenlijke betekenis van het woord religie is wellicht niet ‘verbinding’ (religare), maar ‘herhaling’ (re-legere, herlezing).
Het lijkt erop alsof de contactname met het mysterie haast onvermijdelijk gepaard gaat met de poging het in zijn afwezigheid aanwezig te stellen, niet door een simpele nabootsing, maar door een ‘creatie’ die op haar beurt weer openbarend is: het kunstwerk, een eigensoortige bemiddeling of incarnatie van het mysterie. En het getroffen worden door het kunstwerk kan zelf weer leiden tot een nieuwe incarnatie: echo van een echo.